Gewasinfo actueelPostadres: Postbus 183, 2665 ZK Bleiswijk. T. 070 307 50 37 F. 070 307 50 51 Kantoor:Tolweg 13, 1681 ND Zwaagdijk T.0228 561302 Op twitter te volgen via @vggroentenet Op http://ulkostoll.blogspot.com/ actuele weblogs! Agenda maandag 30 januari, Witlofbijeenkomst, rassenproeven 2011-2012, regio Zuid dinsdag 31 januari, Witlofbijeenkomst, rassenproeven 2011-2012, regio Noord Holland donderdag 2 februari, Witlofbijeenkomst, rassenproeven 2011-2012, regio Noord Nederland
donderdag 16 februari, Witlof bijeenkomst, met mogelijkheid tot spuitlicentie verlenging, regio Zuid begin maart, Sluitkool bijeenkomst, met mogelijkheid tot spuitlicentie verlenging, regio Noord Holland
19 jan. De aardbeiendag editie 2012 is gisteren georganiseerd door BVB Substrates, DLV Plant en LTO Vollegrondsgroente.net Uiteindelijk waren er 70 standhouders op de informatiemarkt en zijn er zeker 500 mensen aanwezig geweest in congrescentrum 1931. Was u er daar een van?
9jan.2012 Eerste contactdag Vegetable Valley Bloemkool en Broccoli gezellig druk
Op 5 januari 2012 organiseerde LTO vollegrondsgroente.net in samenwerking met de bloemkool en broccoli promotiegroep en Plantenkwekerij Gitzels de eerste Vegetable Valley contactdag bij Proeftuin Zwaagdijk. Tijdens de open dag konden telers uitgebreid bijpraten met collega telers en teeltspecialisten over de stand van zaken omtrent bloemkool en broccoli. De loods bij Proeftuin Zwaagdijk was gevuld met een beursplein van zaadbedrijven en toeleveranciers van gewasbeschermingsmiddelen, meststoffen en uitgangsmateriaal. Naast een beursplein was een informatief programma met presentaties samengesteld. Jan de Lange van Proeftuin Zwaagdijk gaf lezingen over bestrijding van koolgalmug, schermrot en Rhyzoctonia. Hans de Vlugt van Syngenta Crop Protection gaf een presentatie over de werking van Amistar. De dag werd afgesloten met een cabaretvoorstellen van KaaBee en een buffet. De organisatie kijkt positief terug op de eerste Vegetable Valley contact dag.
Persbericht 7 oktober 2011
Asperge Verdiepingsdag: productiviteit asperge sturen
De Asperge Verdiepingsdag was gisteren in Sevenum opnieuw een zeer geslaagde ontmoetingsdag voor telers, adviseurs, toeleveranciers en afzetorganisaties. Nieuwe ontwikkelingen en verfrissende inzichten kenmerkten het dagprogramma met sprekers uit binnen- en buitenland. Grote interesse en betrokkenheid bij de onderwerpen bleek door de hoge mate van interactie gedurende de presentaties.
De productiviteit van de asperge kan door veel factoren worden beïnvloed. Dat bleek ook uit de onderwerpen van deze dag. Het belang van het wortelstelsel en de invloed van water op de productiviteit van asperge werden benadrukt door Dr. Dan Drost van de Utah State University. Dat waterbeheer belangrijk is werd duidelijk uit de nieuwe aanpak waterbeheer met het Nieuw Limburgs Peil, uiteengezet door Jan Classens, agrariër en bestuurslid Waterschap Peel en Maasvallei. Arjan Reijneveld van BLGG benadrukte het belang van goede bodem-vruchtbaarheid, de nalevercapaciteit van de bodem en de actuele nutriëntenbehoefte van asperge. Het belang van goede spuittechniek en welke resultaten behaald kunnen worden, werd door Richard Korver van DLV Plant uiteengezet.
De Asperge Verdiepingsdag werd georganiseerd door Vollegrondgroente.net en Aceera bv.
Persbericht 19 september 2011
De bladgewassendemodag is een goed bezochte middag geweest. Dit zal mede door het zonnige weer gekomen zijn, maar ook de demo's van zowel het cameragestuurd schoffelen, de kvik up en de zelfrijdende spuit zullen hier aan bij gedragen hebben alsook het uitgebreide rassenveld wat aangelegd was met Ijsbergsla, Andijvie, Lollo Rossa e.a. heeft hier zeker debet aan gehad. Persbericht 18 september 2011 Het Sluitkoolplatform is ook dit jaar goed bezocht door de geinteresseerden. Degene, die de regenbuien trotseerden hebben goede proeven bekeken, de slakkenstrooier demo gezien, met dank aan mechanisatiebedrijf Nanne Kooiman en in de speciaal voor de weersvoorspellingen opgezette tenten diverse presentaties aangehoord. Persbericht 29aug.2011 Mooie proeven en velddemonstraties op de Aardbeien Demodag
De praktijk blijft het centrale middelpunt. Er is inmiddels een flink aantal interessante proeven en activiteiten uitgewerkt voor in de vollegrondsteelt, ruggenteelt en stellingenteelt met aardbeien.
Een korte opsomming van de diverse proeven en velddemonstraties, die er op 2 september helemaal voor klaarliggen om te worden toegelicht en met u en met elkaar te worden besproken:
· Soiltech met 3 objecten
· Residu met 5 objecten
· Mivena bemestingsproef met 4 objecten
· Biodiversiteit met 12 objecten
· Gezond uitgangsmateriaal: CATT
· Weerbare bodem LBI/PPO-WUR
· Telen los van de grond: hergebruik van drainagewater door PPO agv
· Teeltgootsystemen van Formflex Horti Systems
· Ruggenteelt Wil Huybregts en Basrijs
· Autonome spuit “Telen met toekomst”
· Wildafweer door Handelsonderneming Frijters
· Zelfrijdende spuit van Homburg Holland
· Het machinaal verwijderen van folie, verzorgd door Huybregts
· Maaier bij stellingenteelt door Halters Agri Techniek
· Bedondergronden van Traycon Projecten BV
Vanaf 13.30 uur is er toegang tot de demovelden.
N.B.: Bezoekers worden eerst ontvangen op de Informatiemarkt in de loods en kunnen zich pas daarna richting demoveld begeven.
U wordt verzocht om met schone kleren en schoenen de demo dag te bezoeken.
Locatie: Aardbeienteler Mario van Meer, Liesbosweg 223, Etten Leur
Datum: Vrijdag 2 september 2011
Aanvang: 13.00 uur – 18.00 uur
11 juli 2011 Database vollegrondsgroente onderzoek Nog steeds zijn er partijen in de omgeving van de vollegrondsgroentesector die niet in staat zijn om inzicht te krijgen omtrent onderzoeken in de vollegrondsgroente. Telers zijn veelal uitstekend op de hoogte van de ontwikkelingen in hun eigen teelt. Toch is een rapportage van een onderzoek lang niet altijd toepasbaar in de dagelijkse praktijk van een vollegrondsgroentebedrijf. De vertaling van onderzoeksrapportage naar toepasbare praktijk blijkt vaak lastig vooral ook omdat de precieze aanpak van het onderzoek veelal niet in de rapportage beschreven wordt. De specialisten van LTO Vollegrondsgroente.net zijn sinds 10 jaar onderdeel van de onderzoekscoördinatie voor praktijkonderzoek. Inmiddels hebben de specialisten veel inzicht in resultaten en in de aanpak van onderzoeken. Door deze intensieve bemoeienis met onderzoek is er ook een uitgebreide database opgebouwd van onderzoeken die gericht zijn op gewassen in de vollegrondsgroente en onderzoeken waar de sector onderdeel van is. Inmiddels beschikt LTO Vollegrondsgroente.net over de grootste database van vollegrondsgroenteonderzoek in Nederland. Het betreft uiteraard onderzoeken die via het Productschap Tuinbouw door de sector zijn gefinancierd bij de diverse onderzoeksinstellingen. Maar daarnaast is er ook inzicht in onderzoeken gefinancierd vanuit LNV. Verder worden er, zeker ook in vollegrondsgroente, nogal eens onderzoeken uitgevoerd vanuit financiers die minder in het oog springen. Het betreft hier zowel regionale overheden als diverse fondsen maar ook onderzoeken van andere ministeries, tenderregelingen enz. En misschien nog wel belangrijker in de database staan juist ook onderzoeken uitgevoerd door andere partijen dan WUR organisaties. De diversiteit aan financiers en uitvoerders maakt de database compleet.
Het beheren van een database is één ding, het gebruiken van de informatie is een andere. De specialisten van LTO Vollegrondsgroente.net zijn in staat om door de intensieve betrokkenheid met onderzoeken de onderzoekrapportages te beoordelen en achtergronden te achterhalen bij uitvoerende onderzoekers. Samen met vragende telers kan dan een vertaling worden gemaakt naar toepasbaarheid van onderzoeksresultaten voor individuele teler of telersgroepen. Wilt u gebruik maken van de informatie in de database neem dan contact op met kantoor(at)vollegrondsgroente(punt)net.
Ulko Stoll
30 mei 2011 Fauna schade Nu de eerste planten weer geoogst zijn, blijft het zaak deze goed te beschermen tegen wild.
Door het vroege seizoen en de zeer vroege oogst blijft het zaak niet te verslappen als het om wildschade gaat. Een vroege natuur is voor gewassen vaak gunstig daar er voor wild veel keus is om te voorzien in voedsel. Let wel op dat indien er belagers in de buurt zijn, deze vaak ook voor het gemak kiezen om zo weinig moeite te hoeven doen om aan hun dagelijkse hoeveelheid voedsel te komen. Vaak zijn dit de pasgeplante percelen welke gemakkelijk zijn te benaderen.
Zo zijn ook de eerste schades door ganzen gemeld vanuit de potplantenteelten, daar komen meldingen van schades binnen, ondanks dat hier alle mogelijke voorzorgsmaatregelen zijn getroffen. Ook ondervindt men steeds meer schade aan het vervroegingdoek .
Vanuit de overheid gebeurt er op dit moment meer dan ooit om deze problemen adequaat op te lossen, wel ontstaat hierdoor steeds meer discussie tussen de uitvoerders en beleidsmakers. Eén van die discussies gaat over de uitvoering van het afschieten van ganzen, de landelijke jagersvereniging heeft hierop afwijzend gereageerd vanuit het feit dat zij weinig voelen om de zwarte piet toegeschoven te krijgen van het publiek.
Laat wel duidelijk zijn dat het noodzakelijk blijft om schade aan uw gewassen te melden ondanks de complexe invulling van het schadeformulier.
Om de omvang van faunaschade beter in kaart te brengen en de noodzaak van een goed en beheersbaar faunabeheer plan te onderstrepen is melding van schade een must!
Laat dan ook geen mogelijkheid onbenut om aan te geven dat u schade heeft.
Uw LTO Vollegrondsgroente.net adviseur kan u hierbij helpen om deze in te vullen.
Nico Bakker LTO Vollegrondsgroente.net
Mogelijkheden voor zonnecellen
Eerder hebben we gesproken over de subsidie voor opwekking van stroom door zonnepanelen in 2011, de SDE regeling. Per 1 juli a.s. gaat de 1e fase open voor het aanvragen van subsidie.
Het lijkt erop dat subsidie voor opwekking van stroom door zonnepanelen wordt benadeeld in deze regeling. De bijdrage is met 15 ct flink lager dan in 2010. Wanneer de publicatie officieel is, kunnen we een inschatting maken van het daadwerkelijke financiële voordeel. Het is wel een voorwaarde dat je minimaal 15kW aan vermogen aanschaft. Met de huidige prijzen kom je dan uit op ongeveer € 50.000 voor een installatie die compleet is.
Bijkomend voordeel is natuurlijk ook dat je minder/geen stroom hoeft aan te kopen op het moment dat jullie de stroom nodig hebben (overdag)+ je levert bij meerproductie stroom terug aan het net. Dit tarief is weliswaar lager dan de aankoopprijs..
Ook pak je nog een fiscaal voordeel met de Energie Investerings Aftrek van 41,5% (2011).
Desnoods vragen we het aan zodra de regeling open is, het verplicht jullie dan nog tot niets.
Minister Verhagen van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie (EL&I) wil de nieuwe Stimuleringsregeling voor Duurzame Energie, de SDE+, volledig focussen op een efficiënte aanpak om de Europese doelstelling van 14 procent duurzame energie in 2020 te halen. Hiertoe heeft de Minister de Tweede Kamer middels een brief geïnformeerd.
Concreet houdt dit een groot scala aan wijzigingen in binnen de SDE regeling. Waar in 2010 voor elke SDE-categorie een afzonderlijk subsidieplafond was vastgesteld, zal in 2011 een gezamenlijk plafond gelden voor alle SDE-categorieën. Voor alle categorieën wordt de SDE gefaseerd opengesteld in vier fases, met elk een ander basisbedrag. In de eerste fase geldt een maximaal basisbedrag van 9 Eurocent per kWh, de tweede fase 11 Eurocent per kWh, de derde fase 13 Eurocent per kWh en de laatste fase 15 Eurocent per kWh. Voor groen gas zijn de maximale basisbedragen per fase 79 / 97 / 114 en 132 Eurocent per m3.
Net als in 2010 wordt er per categorie een vast basisbedrag vastgesteld.
Als het budget in de eerste fase voor 2011 al is overtekend, zullen de volgende fases niet meer worden opengesteld. Deze manier van verstrekken van subsidies stimuleert technologieën, welke het meest kosteneffectief produceren.
De grote kanshebbers op subsidie in de nieuwe SDE-regeling zijn technieken welke met een klein aanvullend SDE-subsidiebedrag per kWh of m3 groen gas rendabel kunnen opereren. De technieken welke voldoen aan deze vereisten en als eerste in aanmerking komen voor subsidie zijn Wind op Land, Waterkracht > 5 meter, Afvalverwerkingsinstallaties en Vergistinginstallaties op basis van groen gas.
Grote verliezer in de nieuwe SDE-regeling lijken de zonnepanelen. Vanuit de nieuwe regeling is alleen nog SDE mogelijk voor grootschalige PV installaties, met een maximum bedrag van 15 Eurocent per kWh in 2011 ten opzichte van 43 Eurocent per kWh in 2010.
De nieuwe SDE-regeling wordt naar verwachting uiterlijk 1 juli 2011 opengesteld. De regeling zal niet meer gefinancierd worden door de overheid, maar vanuit een opslag op grijze elektriciteit en gas. De financiering zal voor 50% betaald worden door burgers en 50% door het bedrijfsleven
Hoogland Subsidieadvies
1 mei 2011 Zonnecellen besparen geld Waarland: Zonnecellen leveren geld op! Weliswaar is geduld noodzakelijk maar met een garantietermijn van 25 jaar en een levensduur van 30 jaar is een terugverdientijd van 12 jaar alleszins aanvaardbaar. Jorrit Laan van Infinity NRG gaf uitleg over de mogelijkheden voor zonnecellen op een studieclub avond van LTO Vollegrondsgroente.net. In Duitsland worden de daken van boeren schuren volgebouwd met zonnecellen. Dat is niet voor niets. De rendementen voor de investeerders zijn er. Weliswaar is het subsidieklimaat in Nederland anders maar ook in Nederland kan de investering in zonnecellen ruimschoots worden terugverdiend. Door gebruik te maken van zonnecellen op het eigen dak wordt een besparing gerealiseerd op de energiekosten. De energiekosten zijn op de professionele vollegrondsgroentebedrijven meer en meer een belangrijke kostenpost. De betrouwbaarheid van zonnepanelen is in de afgelopen jaren enorm toegenomen. Verdieping in de investeringen en de rendementen moet bedrijfsspecifiek berekend worden. Laan heeft hier een goed rekenmodel voor. De contactgegevens van Laan zijn. Jplaan(at)infinitynrg(punt)nl ; (06) 52 30 12 38
Ulko Stoll Energiebesparing met LED mogelijk Waarland: Vervanging van TL verlichting door LED buizen leert flinke besparing op. Jaap Brasser heeft met zijn eigen adviesbureau een mogelijkheid gevonden om rechtstreeks vanuit Azie LED lampen te importeren. Door diverse aanpassingen van het LED systeem is er een LED buis ontstaan die één op één toegepast kan worden in standaard TL armaturen. TL buis eruit, starter eruit; LED buis erin en klaar. De kosten voor de LED buis zijn hoger maar het energie gebruik is vele malen lager. De LED buizen gaan efficienter met stroom om en realiseren veel minder zogenaamde blinde stroom die weliswaar terugvloeit naar het electriciteitsnet maar wel in rekening wordt gebracht. Een LED lamp heeft een minimale opstarttijd waardoor direct nadat de lamp aangezet is de benodigde lichthoeveelheid beschikbaar is. Wees niet bang voor vervelende kleuren; de LED lampen zijn beschikbaar in alle spectra van het licht. De contactgegevens van Jaap Brasser zijn Jaap(at)sumi-poymers(punt)com, (06) 55 53 06 32.
Ulko Stoll
28 febr. 2011 Landelijke kerngroepen hebben invloed op onderzoeksgelden De onderzoeksgelden van het productschap Tuinbouw worden in belangrijke mate voorzien van adviezen van de landelijke kerngroepen van LTO Vollegrondsgroente.net. Sinds een aantal jaren beslissen de kerngroepen mee over de hoogte van het budget en de door het Productschap Tuinbouw geïnde heffing. Op de bestedingen heeft de commissie in toenemende mate haar invloed weten te vergroten. De inkomsten voor de ‘bijzondere’ heffing worden gebruikt voor gewasspecifiek onderzoek, gewasoverschrijdend onderzoek en een aantal gewasoverschrijdende projecten.
Budget gewasspecifiek onderzoek
Door deze werkwijzen hebben de landelijke kerngroepen hebben voor 2011 een budget bestemd voor zaken waarvan de kerngroep denkt dat deze belangrijk zijn. Voor iedere gewasgroep zijn er andere speerpunten. Voor de ene groep is dat marketing en voor de andere ligt dat op knelpunten rond gewasbescherming. Het is aan de kerngroep om de prioriteiten te bepalen.
Voor de gewasoverschrijdende zaken hebben de voorzitters van de gewascommissies besproken welke onderzoeken en projecten noodzakelijk zijn en hoeveel geld daarvoor nodig is.
Gewasoverschrijdend onderzoek
Een van de belangrijkste gewasoverschrijdende zaken is de middelencoördinator. Deze is noodzakelijk om er voor te zorgen dat de juiste procedures worden doorlopen voor bijvoorbeeld vrijstellingsregelingen. De middelencoördinator beoordeelt ook de zin of onzin van gewasbeschermingonderzoek. Hij heeft door zijn contacten met toelatingshouders goed inzicht in wat wel en niet in de pijplijn zit en welk onderzoek noodzakelijk is om tot een eventuele toelating te komen.
Een ander belangrijk gewasoverschrijdende programma is de zoektocht naar alternatieve teeltsystemen. Op deze bladzijde wordt u op de hoogte gehouden van de resultaten van dit programman.
Van de algemene heffing en een deel van de gewasoverschrijdende budget wordt de organisatie van het PT betaald. De LTO vakgroep Vollegrondsgroente krijgt steeds meer inzicht in de kosten en hebben de afgelopen jaren continu een vermindering van deze kosten gerealiseerd. Scherp zijn op noodzaak en efficiëntie blijft belangrijk. De samenwerking van LTO Vollegrondsgroente.net en de vakgroep werpt hier zijn vruchten af.
Nieuwe voorstellen
Nieuwe gewasoverschrijdende voorstellen worden eerst besproken in de landelijke vakgroep en het voorzittersoverleg. Zonder een positief advies van beide parijen gaat een project niet door. Hetzelfde geldt voor het gewasgerichte onderzoek. Een project met een negatief advies van de landelijke kerngroep, zal nooit doorgaan met geld van het Productschap. Hiermee hebben de kerngroepen een grote verantwoording zowel in aanbesteding als in uitleg richting achterban. U kunt altijd de leden van de kerngroepen en de gewasspecialist aanspreken over onderzoeksbestedingen.
Ulko Stoll
Duurzaamheidscan op bedrijfsniveau
Aanleiding
Duurzaam ondernemerschap is geen modegril gebleken. De aandacht is de afgelopen jaren niet verminderd, wel is de benadering veranderd. Tot voor kort werd vaak over duurzaamheid gesproken als iets extra's, als activiteiten die aan het 'eigenlijke werk' worden toegevoegd. Zoals het stimuleren van vrijwilligerswerk in werktijd, het schenken van Max Havelaar koffie of het sponsoren van evenementen. Vandaag de dag kenmerkt duurzaam ondernemerschap zich steeds meer door een systematische aanpak. De ontplooide activiteiten moet passen in een visie en zichtbaar zijn in de verschillende bedrijfsprocessen. Ook is duurzaamheid steeds meer een onderdeel van zakelijke afweging geworden, een logisch onderdeel van goed ondernemerschap. Een rechtgeaarde ondernemer investeert immers alleen in duurzaamheid als die investering op de één of andere manier rendeert.
Uit ervaring blijkt dat veel ondernemers een steuntje in de rug kunnen gebruiken bij de zakelijke en systematische benadering van duurzaam ondernemerschap. Om die reden heeft het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit het LEI opdracht gegeven een duurzaamheidscan voor de agrofoodsector te ontwikkelen.
Doelgroep
De Duurzaamheidscan is vooral bedoeld voor ondernemers in alle schakels en sectoren van de agrofoodsector. Maar ook ondernemers in andere sectoren kunnen hun voordeel doen met de Scan.
Functie en resultaat
De Duurzaamheidscan is een gratis instrument voor zelfanalyse. Concreet kan de Scan (voor ondernemers) de volgende functies vervullen:
Door het invullen van de Scan wordt de ondernemer als het ware een spiegel voorgehouden die laat zien hoe zijn bedrijf invulling geeft aan duurzaam ondernemerschap. Daarbij blijkt vaak dat het bedrijf al meer aan duurzaam ondernemen doet, dan (voor het invullen van de Scan) werd verwacht. Aan de andere kant blijken er ook nogal eens blinde vlekken en ‘quick wins’ te bestaan. Blinde vlekken zijn aspecten die bij de dagelijkse gang van zaken onderbelicht blijven. ‘Quick wins’ zijn zaken die relatief eenvoudig kunnen worden gerealiseerd en waardoor een positieve impuls wordt gegeven aan duurzaam ondernemen.
Na het invullen van de Scan, kan de ondernemer vrij eenvoudig de lijsten met vragen en antwoorden uitprinten. Daarmee heeft hij de beschikking over een (vrijwel) volledig overzicht van wat zijn bedrijf al doet op het gebied van duurzaam ondernemen, maar ook van wat zijn bedrijf verder nog zou kunnen doen.
Nadat de Scan is ingevuld, kan de ondernemer ook voor elke dimensie van duurzaam ondernemerschap (People, Planet en Profit) een rapport laten samenstellen. Elk rapport bevat drie spinnenwebdiagrammen waarmee de ondernemer een analyse kan maken van de wijze waarop zijn bedrijf invulling geeft aan de betreffende dimensie. Ieder rapport algemene aanbevelingen en verwijzingen naar websites die de ondernemer kunnen helpen het maken van bewuste keuzen bij het formuleren en implementeren van een duurzaamheidstrategie voor zijn bedrijf.
Meer specifieke toepassingen zijn de volgende:
De Scan kan de ondernemer helpen bij het voeren van een stakeholderdialoog. De meest eenvoudige manier is door stakeholders inzage te geven in de overzichten en rapporten die met behulp van de Scan kunnen worden gegenereerd. Een verdergaande optie is om stakeholders uit te nodigen (onderdelen van) de Scan in te vullen voor het bedrijf. Op die manier krijgen beide partijen inzicht in de wederzijdse beelden en verwachtingen.
De Scan kan ook een bijdrage leveren aan het samenstellen van een duurzaamheidverslag (of het aanvullen van een financieel, milieu- of sociaal verslag met informatie over andere onderdelen van duurzaam ondernemerschap). De Scan laat namelijk zien welke aspecten aan de orde zouden kunnen komen en levert daarmee als het ware een inhoudsopgave voor het verslag. Bij de verdere invulling van het verslag kunnen de gemaakte overzichten en rapporten worden gebruikt.
Opzet
De Duurzaamheidscan gaat systematisch in op alle facetten van duurzaam ondernemen. Dit gebeurt aan de hand van drie centrale ideeën:
Duurzaamheid kent drie dimensies en binnen elk daarvan kunnen diverse thema’s worden onderscheiden.
Bestaande ‘good management practices’ kunnen een bijdrage aan duurzaam ondernemerschap impliceren. Duurzaam ondernemerschap vereist dat duurzaamheid in alle aspecten van de bedrijfsvoering wordt geïntegreerd.
People, Planet en Profit
Een van de centrale gedachten bij de duurzaamheidproblematiek is dat sociaal-culturele, ecologische en economische problemen in onderlinge samenhang moeten worden beschouwd. Deze gedachte is gepopulariseerd door de door John Elkington geïntroduceerde indeling in People, Planet en Profit (Triple-P). In de Scan zijn deze P’s verder uitgewerkt door per P een aantal thema’s te onderscheiden die van belang zijn voor de agrofoodsector. In totaal gaat het daarbij om 25 duurzaamheidthema’s.
Good management practices
Naast duurzaamheid thema’s is er in de Scan ook een aantal ‘good management practices’ opgenomen waarvan wordt verondersteld dat ze een bijdrage leveren aan duurzaam ondernemerschap. Het gaat om algemene managementinstrumenten (zoals gedragscodes, keurmerken en certificaten) die een belangrijke functie kunnen vervullen bij het doorvoeren van een duurzaamheidstrategie binnen een bedrijf. Daarnaast gaat het om enkele managementconcepten (zoals kwaliteits- en risicomanagement) die hun waarde in de praktijk hebben bewezen en die ook een positieve invloed hebben op de duurzaamheidprestaties van een bedrijf.
Integratie in bedrijfsvoering
Het laatste maar misschien wel belangrijkste idee dat aan de Scan ten grondslag ligt, is dat duurzaam ondernemen vereist dat duurzaamheid in alle aspecten van de bedrijfsvoering wordt geïntegreerd. Dit idee is in de Scan verwerkt door per duurzaamheidthema een managementcyclus te doorlopen. Deze managementcyclus bouwt voort op de Deming-cyclus (Plan, Do, Check, Act) die in het kwaliteitsdenken gemeengoed is, maar hij bevat ook elementen die juist voor duurzaamheid van belang zijn.
In totaal bestaat de managementcyclus uit acht stappen. De eerste stap bestaat uit het voeren van een stakeholderdialoog. Deze dialoog is erop gericht een duidelijk beeld te krijgen van de maatschappelijke eisen en wensen. Mede op basis van dit beeld ontwikkelt de ondernemer een visie over duurzaamheid (stap 2). Vanuit deze visie worden vervolgens doelstellingen geformuleerd (stap 3), maatregelen genomen (stap 4) en verantwoordelijkheden toegewezen (stap 5). Verder is het van belang dat wordt gemonitord in hoeverre de doelstellingen worden gerealiseerd (stap 6). Dit alles betekent dat er prestaties worden geleverd (stap 7) en daarover moet op een transparante manier met de omgeving van het bedrijf worden gecommuniceerd (stap 8). Deze informatie vormt de input voor een volgende dialoog met stakeholders (stap 1). Enzovoorts.
De gewasspecialisten van LTO Vollegrondsgroente.net zijn in staat om in een navigatiegesprek ondersteuning te bieden in stappen op gebied van duurzaamheid. Op de website www.vollegrondsgroente.net staat een link naar de scan.
Ulko Stoll
jan. 2011 Tuinbouw relatiedagen Venray en Tuinbouw Totaal vollegrondsgroente slaan handen ineen
Op 22, 23 en 24 november 2011 zullen de tuinbouw relatiedagen Venray een vervolg krijgen. Op de tuinbouw relatiedagen Venray zullen álle tuinbouwsectoren de aandacht krijgen die ze verdienen. Met de samenwerking in de Tuinbouwrelatiedagen Venray zal deze behoefte zowel binnen de afzonderlijke tuinbouwsectoren als tussen de tuinbouwsectoren ingevuld worden.
De vollegrondsgroentesector is binnen de tuinbouw meer en meer een zichzelf respecterende sector. De behoefte aan een vollegrondsgroentebeurs wordt in Noord Nederland ingevuld door Tuinbouw Totaal vollegrondsgroente. Met de toevoeging van de Tuinbouw Totaal beurs aan de relatiedagen wordt de vollegrondsgroenteteler bediend met zijn eigen sectorgerichte informatie en wordt de mogelijkheid geboden om te leren van andere tuinbouwsectoren. Gekoppeld aan de tuinbouw relatiedagen Venray gaat Tuinbouw Totaal vollegrondsgroente een aantal gewas- en sectorgerichte workshops houden. Naast de beurseditie van onder glas zal ook een beurseditie van de gewasinfo van LTO Vollegrondsgroente.net worden uitgegeven.
De samenwerking van Tuinbouw relatiedagen Venray en Tuinbouw Totaal Vollegrondsgroente zorgt er voor dat zowel standhouders als bezoekers in de breedte van alle tuinbouwsectoren worden bediend. De tuinbouwrelatiedagen Venray 2011 zorgt daarmee voor een breed en diep aanbod van standhouders. Hierdoor zullen bezoekers zich niet alleen over zaken vanuit hun eigen bedrijfsvoering kunnen informeren maar wordt de mogelijkheid geboden om ontwikkelingen in andere sectoren en bedrijven te bekijken en te vertalen naar de eigen bedrijfsvoering.
De gezamenlijke organisatie verwacht dat de tuinbouw relatiedagen Venray in 2011 een flinke groei doormaakt t.o.v. 2010
Teelt uit de grond Het “innovatieprograma teelt uit de grond” van de LTO Vakgroep vollegrondsgroente blijft zoeken naar de juiste vorm van het opkweek materiaal. In de objecten die door Proeftuin Zwaagdijk zijn uitgevoerd rond de slagewassen zijn er 17 verschillende opkweekmethoden onderzocht. Het meest in het oog springen: de al dan niet verlijmde kokos substraten in verschillende vormen, de zwelplug en de steenwol substraten. De vorm van de potjes varieren van rond via vierkant naar achthoekig. Er is gebruik gemaakt van zowel conische als vierkante potjes. De proef is uitgevoerd in Lollo Rossa. Ten aanzien van de uniformiteit was er geen statistische betrouwbaar verschil tussen de objecten (behandelingen). Statistisch betrouwbare verschillen waren er wel t.a.v. het totale gewicht per veldje het gemiddelde kropgewicht en het percentage uitval. Er blijken grote verschillen in kropgewicht van 460 gram tot 320 gram per krop. Ook het percentage uitval varieert van 17% tot 0%. Een duidelijke lijn is op basis van deze eenmalige proef nu niet te trekken. Een lijn is wel dat de kokosobjecten bij de hoogste kropgewichten zitten. Ook de zweplut van Jiffy zit bij de hoogste gewichten. In de vervolgproef zal ook de perskluit uitgebreid meegenomen worden. Deze vervolgproef is inmiddels ingezet. Discussie die in de expertgroep gevoerd wordt, gaat voor een deel over de prijs van het substraat t.o.v. de perskluit. De perskluit is goedkoop, en het hele systeem bij de plantenkweker is ingericht op de perskluit. Wellicht kunnen andere systemen goedkoper wanneer er een bepaalde schaalgrootte wordt gerealiseerd. Dit vraagt dan wel een systeemverandering bij de plantenkwekers. Een andere overweging is om de opkweek van plantmateriaal op het productiebedrijf uit te voeren in het systeem waar de productie in gaat plaatsvinden. Dus de opkweek op een drijvend systeem in bijvoorbeeld een klimaatcel. De zoektocht naar nieuwe teeltsystemen gaat verder dan alleen kijken naar het productiesysteeem. Ook de keten voor de teler zal moeten innoveren om een alternatief teeltsysteem tot resultaat te brengen. Ulko Stoll Knelpunten gewasbescherming Gedurende het teeltseizoen is het de dagelijkse gang van zaken om problemen die in het gewas zichtbaar zijn of zichtbaar worden op te lossen. Dit is ook het moment om te beseffen of structurele oplossingen van problemen rond gewasbescherming beschikbaar zijn of dat er houtje touwtje oplossingen moeten worden genomen. Niet voor het eerst maar toch nog maar eens onder de aandacht; problemen rond gewasbescherming zijn niet in een paar weken opgelost. Veelal moet onderzoek gedaan worden om aan te tonen dat een chemische oplossing effectief is, niet schadelijk is voor de volksgezondheid, niet schadelijk voor de gebruiker en niet schadelijk voor de omgeving. Daarna volgt een periode van beoordeling en verzamelen door de fabrikant en een periode van beoordeling van de wetgever. De middelencoördinator heeft zoals de naam aangeeft een coördinerende rol. Versnellen van deze processen is bijna onmogelijk. Efficiënt invullen van de hele procedure is wel mogelijk. Daarvoor heeft de middelencoördinator informatie nodig, op tijd en gefundeerd. Hoe eerder gewerkt kan worden aan oplossingen hoe beter. Soms is een aanvulling in een aanvraag die nog moet worden gedaan makkelijker en sneller te regelen dan hetzelfde probleem in een aanvraag die al bij de wetgever ligt. Als er problemen rond gewasbescherming zijn die niet structureel opgelost kunnen worden neem dan even de moeite om contact op te nemen met de gewasspecialist of de middelencoördinator. De adressen kunt u vinden op www.vollegrondsgroente.net. Ook kunt u mailen met u(punt)stoll(at)vollegrondsgroente(punt)net. Miriam Breedeveld |